Een goed gesprek met... Yvonne Wolswijk
Bij de Zevenster draait de zorg om mensen. Om onze bewoners en hun familie en mantelzorgers, onze medewerkers, onze vrijwilligers en behandeldiensten. In de serie ‘Een goed gesprek met…’ willen wij u graag met deze mensen laten kennismaken en u meer inzicht geven in het reilen en zeilen van onze zorg- instelling. In deze aflevering hebben wij een goed gesprek met Yvonne Wolswijk, Assistent Welzijn.

Vertel iets over jezelf

Mijn naam is Yvonne Wolswijk. Ik ben 56 jaar en woon in Capelle aan den IJssel. Dit jaar ben ik 30 jaar getrouwd. Eerlijkheid, de waarheid durven vertellen en luisteren naar elkaar zijn de basis voor dit fijne huwelijk. We hebben geen kinderen, wel twee katten. Mijn man is een fervent motorrijder en ik ben een fervent meerijder. Ik heb, anders gezegd, een motor met chauffeur.

Hoe lang werk je al bij de Zevenster?

Vanaf mei 2019 werk ik voor Zevenster, maar in 2014 heb ik hier ook al een halfjaar gewerkt. Voelde als thuiskomen op 16 mei vorig jaar. Op mijn eerste werkdag mocht ik meteen mee naar Blijdorp. Wat was dat meteen leuk!

Hoe ben je in de gezondheidszorg terecht gekomen?

De eerste 20 jaar van mijn werkzame leven heb ik verschillende kantoorbanen gehad. Van een beton- warenfabriek, de Hoge Raad tot Ernst&Young. Bij deze laatste gingen ze op een gegeven moment reorganiseren en zou ik naar Utrecht moeten. Dat wilde ik niet.

Via de Gouden Gids ben ik toen bij de Vijverhof terecht gekomen. Ik heb hierin echt mijn hart gevolgd. Ik mocht bij hen op gesprek komen om mijzelf voor te stellen en binnen een uur was ik aangenomen als leerling VIG. Ik begon op 1 februari en de opleiding startte op 7 februari. Het was voor mij een complete cultuurshock! Van mantelpak naar uniform, van pumps naar steunzolen.

De opleiding heb ik afgerond. Daarna heb ik nog 3 jaar als gediplomeerde gewerkt in de extramurale zorg bij de Vijverhof. Daarna ben ik overgestapt naar de Provenier in Rotterdam. Ik werkte daar mee aan een pilot met betrekking tot een kleinschalig woonproject ‘de Patio’. Hier werkte ik met 12 dementerende ouderen en 14 verstandelijk beperkten. Ik werkte daar als niveau 4. Dit was een hele leuke tijd.

Helaas moest ik door omstandigheden er vier maanden tussenuit en toen ik terugkwam was de pilot al te ver om weer in te stromen. Toen ben ik naar de locatie Rubroek gegaan. De Rotterdamse mentaliteit daar werkte niet voor mij en toen ben ik actief op zoek gegaan naar een andere werkgever.

Dat werd de Zevenster, waar ik begon als VIG. Meteen viel mij op hoe collegiaal iedereen hier met elkaar omgaat. Het voelde echt als een warme deken. Het deed dan ook zeer toen ik in 2014 door een roerige periode met betrekking tot mijn gezondheid hier niet kon blijven werken. Gelukkig kon ik vorig jaar terugkeren in de functie van Assistent Welzijn.

Wat houdt jouw functie precies in?

Als Assistent Welzijn kun je je functie op verschillende manieren invullen. De één speelt spelletjes, de ander lakt nagels of trekt erop uit met de bewoners en weer een ander is een luisterend oor. Dit laatste is wat ik graag doe. Mijn doel is om aandacht te geven aan de kleine dingetjes die het leven leuk en aangenaam maken. Wat je belooft moet je doen is mijn stelregel, dus ik maak extra tijd voor dingen die ik beloof. Dit maakt mensen blij en geeft ze het gevoel dat ze er nog bij horen. Waardigheid is wat ze nog hebben, dat moeten we zien te behouden.

Wat vind je van de Zevenster?

De Zevenster is een leuk, warm huis. Iedereen kent elkaar. Als er ooit nieuwbouw komt, dan hoop ik dat we deze sfeer vast kunnen houden. Als er iets is wordt het altijd met elkaar opgelost, soms met gemopper, maar we komen er altijd uit. Ik werk samen met hele fijne collega’s, ze zijn attent en ik voel mij zeer gewaardeerd hier. Ik houd van duidelijkheid. Ik ben gedreven voor de bewoners.

Wat wil je nog meegeven?

Zeg wat je doet en doe wat je zegt. Ik wil er wel bij zeggen dat het echte welzijnswerk helaas minder aan het worden is. Ik hoop dat dat in de toekomst weer anders wordt. Ik wil graag de individuele aandacht kunnen geven en niet alleen in een groep met eten of drinken bezig zijn. Ik wil mij bezig kunnen houden met de kleine dingen die het leven mooi maken en voor de bewoners zo belangrijk zijn. Er is niet veel nodig om het gezellig te maken.

Geef een reactie